
Pandhuiswet 1910
Artikel 8
1
Hetgeen de opbrengst van een pand meer bedraagt dan de beleensom en hetgeen ter zake van de beleening verschuldigd is, wordt aan den rechthebbende uitgekeerd, indien deze een daartoe strekkend verzoek doet binnen den in het reglement bepaalden termijn na den verkoop. Bij gebreke van tijdig verzoek vervalt dat bedrag aan de bank.
2
Het op een pand geleden verlies wordt door de bank gedragen.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.